Over stamcelopslag bestaan een aantal misverstanden

Over lichaamseigen stamcellen en de toepassingen bestaan een aantal misverstanden die, mede door voortschrijdend inzicht, niet of niet langer van toepassing zijn. Zoekt u zelf op het internet let dan op de publicatie datum. De ontwikkeling van stamcellen gaat snel en oude informatie is meestal al weer achterhaald. Meest voorkomende misverstanden;

1.Je kan beter niet je eigen stamcellen gebruiken

Dat is alleen maar aan de orde bij genetische bepaalde ziektes. In alle andere gevallen gebruik je JUIST en bij voorkeur je eigen stamcellen. In geval iemand een erfelijke vorm van leukemie krijgt (ca. 50% van de gevallen) gebruik je inderdaad liever niet de eigen stamcellen. Er wordt aangenomen dat je daarmee de ziekte opnieuw in het lichaam introduceert. Overigens is er ook al in de literatuur beschreven dat erfelijke leukemie door toepassing van eigen stamcellen is genezen maar staande praktijk is toepassing van donor cellen.

Bij alle andere aandoeningen (auto-immuunziektes, andere bloedziektes, cerebrale parese, autisme etc.) is het gebruik van eigen stamcellen altijd de eerste keus.  De zeer grote vraag naar donoren komt veelal omdat er van de huidige generatie geen stamcellen zijn opgeslagen.

Overigens is afstoting bij gebruik van donorstamcellen (de graft versus host reactie) zeer levensbedreigend en heeft ook levenslange gevolgen. Medicatie om afstoting tegen te gaan blijft altijd noodzakelijk.

Dat neemt uiteraard niet weg dat de mogelijkheid om donorstamcellen te gebruiken een geweldige optie is voor patiënten.

2. Doneren beter dan voor jezelf bewaren

Dat is een verkeerde veronderstelling. Het is nu al uiterst belangrijk om de beschikking te hebben over je eigen stamcellen gezien de meer dan 80 met eigen stamcellen behandelbare ziektes en aandoeningen en dat wordt in de toekomst alleen maar meer.  Vindt u donatie belangrijk meldt u zich dan zelf, als ouder, aan als donor. Vaak is wangslijm al genoeg om uw HLA typering vast te stellen. U kunt dan worden opgenomen in het donor register en wellicht als donor worden opgeroepen. Uw kind houdt dan volledig beschikking over zijn eigen unieke en onvervangbare stamcellen. U behoudt dus alle mogelijkheden voor uw kind en voldoet ook aan de stijgende vraag naar donoren.

3. In navelstrengbloed zitten te weinig stamcellen

Op internet vindt je wel eens verhalen dat er te weinig stamcellen in het eigen navelstrengbloed zitten om te gebruiken. Dat is alleen waar in een bepaalde context. Men schrijft dan dat de hoeveelheid stamcellen uit navelstrengbloed maar voldoende is voor een kind tot 12 jaar.

Het klopt dat de gemiddelde hoeveelheid stamcellen uit de navelstreng inderdaad voldoende is voor een volledige beenmergtransplantatie bij bijvoorbeeld leukemie voor een kind tot 8-12 jaar. Voor alle andere toepassingen zijn meestal minder stamcellen nodig en is de hoeveelheid niet alleen voldoende maar houdt je zelfs nog stamcellen over.

Indien men gebruik maakt van donorstamcellen wordt er meestal gebruikt gemaakt van een combinatie van verschillende donoren om de slagingskans te vergroten.  

In de kliniek gebruikt men steeds minder stamcellen voor steeds meer toepassingen. Naar de toekomst toe is de verwachting dus dat men met minder stamcellen hetzelfde resultaat kan halen waardoor eigen stamcellen steeds belangrijker worden.

4. Eigendomsrecht eigen stamcellen

Wij krijgen nog veel vragen over het eigendomsrecht van de stamcellen.

Alle stamcellen die bij ons zijn opgeslagen zijn en blijven te allen tijde eigendom van de ouders ( en na het 16e levensjaar van het kindje zelf). Zo staat het in de Nederlandse Wet beschreven. Wij zijn uitsluitend de bank die de stamcellen voor ouders bewaren en hebben er niets over te zeggen.

Indien iemand besluit in de toekomst de stamcellen niet meer willen te bewaren, moeten de ouders (of het kindje) zelf beslissen wat er met de stamcellen gaat gebeuren. Wij hebben daar geen zeggenschap over. In de overeenkomst staat het er erg juridisch beschreven maar dit is wat bedoeld wordt.